TANS ontmoet... Tanja Jadnanansing

Tanja Jadnanansing is sinds juni 2010 Tweede kamerlid van de Partije van de Arbeid. Zij houdt zich bezig met het hoger onderwijs en wetenschapsbeleid. Op woensdag 16 maart is Tanja gastspreker op het TANS K-Vé.

Voorafgaand aan het TANS K-Vé is zij door TANS geïnterviewd:

1) Waar liggen je roots?
Mijn roots liggen in Suriname, India, Afrika en op Aruba. Ik heb namelijk een Surinaams Hindoestaanse vader en een Arubaanse moeder.

2) Waar ben je momenteel mee bezig?
Ik ben de komende week bezig met het voorbereiden van het debat over de Cie Veerman. Deze commissie heeft een baanbrekend advies gegeven over het hervormen van het Hoger Onderwijs. Daarnaast organiseer ik een pizzasessie (doe ik om de week) met studenten om te horen wat er leeft en wat zij van mij verwachten. En ik ben samen met de Fractie in Amsterdam ZuidOost net gestart met een jongerenspreekuur en daar moet ik ook in investeren.

3) Welke persoon (of wat) heeft je het meest geïnspireerd om te doen wat je doet en waarom?
Ik vind inspiratie in heel veel verschillende zaken: mijn geloof, maar ook mijn vrienden, de mensen die ik ontmoet, mijn familie. Ik sta gewoon open voor nieuwe verhalen, ideeen en inzichten. Ik daag mezelf steeds weer uit om niet in vastgeroeste kaders te denken, dat maakt het leven zoveel leuker.

4) Als je terug kon in de tijd, waar zou je heen gaan en wie zou je dan willen ontmoeten?
Ik hou heel erg van deze tijd en zou niet graag in een andere tijd willen leven. Ik zou heel graag naar Amerika willen en heel lang praten met Oprah Winfrey want die vind ik toch echt geweldig.

5) Wat is de grootste misvatting over jou?
De grootste misvatting over mij is dat ik van feesten hou. Ik ben erg vrolijk, maar ik ben helemaal geen feestneus. Een mooi boek, een grote kop thee en een goed gesprek met mijn echtgenoot of een lange wandeling met mijn zus, dat is voor mij feest.

6) Hoe wil je later herinnerd worden?
Ik zou heel graag willen dat vooral jongeren mij herinneren als een vrouw die niet alleen voor haar eigen belang is gegaan, maar die ook hen gedurende de loopbaan heeft meegenomen. Ik doe daar wel mijn best voor; ik ben mentor van een aantal jongeren en ik zit in drie projecten die staan voor het ontginnen van talent van jonge mensen.